Dag van de milieufilosofie 2015

Tijdens de Wereld Aarde Dag (of World Earth Day) op woensdag 22 april wordt dit jaar in Artis in samenwerking tussen de Vereniging voor Milieufilosofie, de Vereniging voor Milieuprofessionals (VVM) en de Artis Academie (Natura Artis Magistra) de derde editie van de ‘Dag van de Milieufilosofie’ georganiseerd met diverse gerenommeerde sprekers.

Op verschillende locaties in Artis worden lezingen gehouden rond thema’s als Natuur en Stad, Natuur tussen Exploitatie en Bevrijding, en daarnaast korte presentaties over dieren, planten en  landschappen. Dirk Sijmons, hoogleraar Landschapsarchitectuur TU Delft houdt de plenaire lezing getiteld ‘Van Nature Stedelijk’. Kijk voor meer informatie en het volledige programma op www.dagvandemilieufilosofie.nl en op de website van Artis (vanaf midden februari).

 Toegankelijk voor een ieder (let op: beperkte plaatsen!) na reservering en tegen betaling van een bijdrage (voor de lezingen en discussies, inclusief koffie, thee en lunch, en gratis toegang tot Artis).

Tijdens de Dag vd Milieufilosofie zal ook uitvoerig aandacht worden besteed aan discussies over de aard en de rol van de hedendaagse dierentuin. De Vereniging voor Milieufilosofie is een onafhankelijke organisatie van academische milieufilosofen uit Nederland en Vlaanderen, ontstaan als werkgroep van de Nederlandse Onderzoeksschool Wijsbegeerte (OZSW).

 

Programma

09.30-10.00              Ontvangst met koffie en thee

10.00-10.10               Bernice Bovenkerk: Welkomstwoord

10.10-10.15               Erik de Jong: Welkom vanuit Artis

10.15-11.00               Dirk Sijmons: Van Nature Stedelijk (Koningszaal)

Dirk Sijmons (1949) is een van de drie grondleggers van H+N+S Landschapsarchitecten en bekleedt de Leerstoel Landschapsarchitectuur aan de TU Delft. Sijmons was Rijksadviseur voor het Landschap en curator van de zesde editie van de Internationale Architectuur Biennale Rotterdam, met als titel en thema: URBAN by NATURE.

Naarmate de menselijke beschaving meer een stedelijke beschaving wordt, groeit de noodzaak om ook de grote vraagstukken van de 21ste eeuw als stedelijke vraagstukken te behandelen. Het geldt voor megavraagstukken als energietransitie, klimaatverandering, biodiversiteit, de uitputting van grondstoffen, de manier waarop onze samenleving wordt georganiseerd en bestuurd, maar evenzeer voor het realiseren van ieders grondrecht op een waardig bestaan vrij van armoede en onderdrukking. Het geldt voor de elementaire levensvragen die voor ieder individueel mens net zo urgent zijn als voor de mensheid als geheel: hoe kunnen negen miljard mensen, van wie er zeven miljard in de stad zullen leven, straks duurzaam voorzien in hun behoefte aan drinkwater, voedsel, warmte, veiligheid, onderdak, werk, ontmoetingen, rust en kennis? Nu we weten dat deze wereldproblemen stedelijke problemen zijn geworden, moeten we ook de antwoorden binnen het stedelijk gebied vinden.

11.00-11.30               Referent: Onno van Sandick + discussie

11.30-11.45               Pauze

11.45-13.15               Parallelle sessie 1: Natuur & Stad

Parallelle sessies 1: Natuur & Stad

A. De Stad als Grenservaring (Koningszaal)

Moderator: Sanne van der Hout

Martin Drenthen: Een kleine filosofie van de stadsrand
De stad ziet zichzelf graag als centrum van de wereld. De stad vergeet al te graag de landschappelijke context die haar van voedsel, water, lucht en vrijheid voorziet. Een wandeling langs de stadsrand kan ons gevoelig maken voor de vergeten situering in ruimte en tijd, een morele ervaring die ons gevoelig kan maken voor de manier waarop de stad de niet-stedelijke wereld nodig heeft. Maar er bestaat ook een andere, verstrekkendere grenservaring van de stad, die ons beeld van de plek van de mens op aarde kan doen kantelen en de zelfgenoegzaamheid van de stad zelf ter discussie stelt.

Glenn Deliege: Een apologie van de rafelrand
De rafelrand verdient een apologie. Niet omdat ze in werkelijkheid toch een mooie of aangename plek zou zijn. Integendeel, in de rafelrand gebeurt iets sinister. De fatsoenlijk geordende werkelijkheid zoals wij die kennen, staat er op het punt te verwilderen. Daarom beklemt de rafelrand: ze confronteert ons met de materialiteit en dus de fragiliteit en vergankelijkheid van ons bestaan. De vraag is: kan deze confrontatie naast beklemmend ook verlossend werken?

B. Natuur in de Postmoderne Stad (Tijgerzaal)

Moderator: Marc Davidson

Michiel Korthals: Stadsnatuur en stadslandbouw
Postmoderne steden halen terug wat moderne steden hebben verdrongen: natuur en voeding. Biodiversiteit en kwaliteit van voeding kunnen zo beter tot hun recht komen. Klopt dit? Is de stad niet een bedreiging voor biodiversiteit en is lokale voedselproductie niet onduurzaam omdat het opschalige efficiëntie mist?

Bernice Bovenkerk: Stadsdieren
In de stad komen we allerlei dieren tegen: dieren op kinderboerderijen, wilde dieren die zich het leven in de stadsomgeving eigen hebben gemaakt zoals duiven, ratten of vossen, en weggelopen en verwilderde huisdieren. Hoe dienen we ons tot deze dieren te verhouden? Hebben wij andere plichten jegens de ene categorie dan jegens de andere? Wat voor plek zouden dieren in een postmoderne stad kunnen krijgen

C. Ruines en  Parken in het Postindustriële Landschap (Blauwe Sterrenzaal)

Moderator: Petran Kockelkoren

Jozef Keulartz: Nietzsche’s postindustriële landschap
De sanering van verlaten en vervallen industrieterreinen behoort momenteel in Europa en de VS tot de grootste infrastructurele opgaven. De enorme erfenis van het industriële tijdperk zadelt landschapplanners op met een veelheid van problemen. Daarbij luidt een van de voornaamste vragen: welke rol moet de geschiedenis spelen in de regeneratie en revitalisering van postindustriële landschappen? Om deze vraag te beantwoorden zal gebruikgemaakt worden van Friedrich Nietzsche’s essay Von Nutzen und Nachteil der Historie für das Leben, waarin hij onderscheid maakt tussen een antiquarische, een monumentale en een kritische houding ten opzichte van de geschiedenis.

Erik de Jong: Artis in het Antropoceen: een park in de stad, de stad in het park
Amsterdammers met een belangstelling voor natuur en natuurlijke historie, in het bijzonder de zoölogie, de plantenwereld en de etnografie, stelden in 1838 de natuur als leermeesteres van kunst en wetenschap centraal in hun museale, wetenschappelijke, educatieve, sociale en architectonische initiatieven: Natura Artis Magistra.

Wat betekent Natura Artis Magistra nu, 177 jaar later, in de actuele stedelijke cultuur en in de zich complicerende wereld van het Antropoceen. Welke paradigma-verandering moet de instelling ondergaan om te kunnen reageren op nieuwe inzichten in en vraagstukken omtrent de rol en samenhang van wetenschap, kunst, techniek, natuur, milieu, welzijn, gezondheid en duurzaamheid? Hoe kan Natura Artis Magistra nieuwe perspectieven openen en nieuwe inzichten aan haar bezoekers overdragen?

13.15-14.15               Lunch

14.15-15.45               Parallelle sessie 2: Van Exploitatie tot Bevrijding

Parallelle sessies 2: Van Exploitatie tot Bevrijding

A. Biomimicry – de natuur als leermeester? (Blauwe Sterrenzaal)

Moderator: Louke van Wensveen

Biomimicry is een wetenschapsveld in opkomst dat belooft een nieuwe, duurzamere relatie tussen mens en natuur mogelijk te maken. Waar meer klassieke technologische benaderingen voornamelijk geïnteresseerd zijn in wat we uit de natuur kunnen halen, richt biomimicry zich op wat we van de natuur kunnen leren. Maar zijn biotechnologische innovaties waarbij oplossingen uit de natuur als voorbeeld dienen, ook automatisch duurzaam en goed voor de natuur zelf? In deze sessie gaat filosofe Sanne van der Hout in gesprek met ingenieur en biomimicry beoefenaar Danielle Davelaar over de beloften van biomimicry. De sessie start met een presentatie van Danielle, waarin zij het potentieel van biomimicry doen-en-denken zal toelichten. Vervolgens zal Sanne kritische kanttekeningen plaatsen bij de onderliggende uitgangspunten van biomimicry. Tot slot zullen Danielle en Sanne met elkaar en het publiek discussiëren over de vraag wat het betekent om de natuur als onze leermeester te aanvaarden. Hoe krijgt dit ethos vorm in een cultuur en economie die nog vooral zijn gericht op exploitatie en uitputting van de natuur?

B. Hacking Habitat – bevrijding door kunst (Tijgerzaal)

Een presentatie van projecten en een discussie over ‘bio-hacking’ o.l.v. Petran Kockelkoren, met Ine Gevers, organisatrice van kunstmanifestatie Hacking Habitat te Utrecht, en met Pieter van Boheemen, programma manager bij de Waag Society, Amsterdam, en voortrekker van de “Biohack Academy”.

HACKING HABITAT is een grootschalige kunstmanifestatie die zal worden gehouden in gevangenis Wolvenplein, Utrecht, 2015/2016. Kunstenaars doen daarin serieuze en soms humoristische voorstellen om de groeiende macht van technologische systemen ten goede te keren, en om onze leefomgeving terug te pakken: hightech control vraagt om lowlife survival tactieken. HACKING HABITAT is een initiatief van curator, schrijver en activist Ine Gevers artistiek directeur van Stichting Niet Normaal, verantwoordelijk voor tentoonstellingen/ kunstmanifestaties Niet Normaal (Beurs van Berlage, 2010), Ja Natuurlijk (Gemeentemuseum den Haag 2013). Pieter van Boheemen is programma manager van het Open Wetlab, Open Design Lab en Amsterdam FabLab. Momenteel leidt hij de “Biohack Academy” een 10 weekse cursus waarin deelnemers hun eigen biolab bouwen, oftewel hun eigen biohack habitat. Petran Kockelkoren is milieufilosoof en emeritus hoogleraar Kunst en Technologie van de Afdeling Wijsbegeerte van de Universiteit Twente.

C. Dierenwelzijn/dierenrechten versus soortbescherming  (Koningszaal)

Een discussie vanuit ethiek, filosofie en praktijk over dilemma’s in onze omgang met dieren en natuur onder leiding van Erno Eskens. Panelleden: Jan van Hooff, Franck Meijboom, Jan van der Ploeg, Bram van Liere, Floris van den Berg bespreken thema’s als:

  • trofeeen-jacht voor natuurbehoud?
  • bestrijding van invasieve soorten?
  • behoud van wilde dieren buiten de vrije natuur (‘ex situ’ conservation o.a. in dierentuinen)

15.45-16.15               Pauze

16.15-1700                Een menagerie voor onze tijd: een serie korte presentaties over unieke dieren en een landschap

De oorsprong van de dierentuin ligt in de ‘menagerie’, een verzameling exotische dieren aan het hof van een koning of adelijke figuur. Deze menagerieen waren bedoeld om het aanzien van de eigenaar luister bij te zetten, waarbij het symbolische karakter van de dieren op hem afstraalde. Als afsluiting van de Dag vd Milieufilosofie wordt een hedendaagse menagerie voorgesteld, vol met eigenaardige dieren, planten en landschappen die iets zeggen over onze tijd, onze vaak paradoxale verhouding tot de natuur en dieren, exotisch of juist alledaags.

Introductie: Jet Bakels

  • Orka Morgan – Jet Bakels
  • Engelse Bulldog – Bernice Bovenkerk & Phil Bosch
  • Mensendier – Ida Sabelis
  • Prairielandschap – Erik de Jong
  • Filipijnse Krokodil – Jan van der Ploeg

17.00-17.05               Jozef Keulartz: Dankwoord en afsluiting

17.10-18.00               Rondleiding door Artis

18.00- 19.00             Borrel (Planetarium)

 

Sprekers

Jet Bakels is cultureel antropoloog, gespecialiseerd in de relatie tussen mens en dier. Zij schreef een proefschrift over de betekenis van de tijger in Indonesië, en publiceert over (liefs gevaarlijke) dieren in o.a. kranten en tijdschriften. Ook schreef zij een aantal kinderboeken over dit thema. Daarnaast is zij tentoonstellingsmaker. Momenteel werkt
zij aan de vernieuwde invulling van het Groote Museum voor Mens en Natuur van Artis.

Floris van den Berg doceert milieufilosofie aan de Universiteit Utrecht. Hij is directeur van de seculier-humanistische denktank Center for Inquiry Low Countries en bestuurslid van de vrijdenkersvereniging De Vrije Gedachte. Van den Berg schrijft over secularisme, atheïsme, dierethiek, veganisme, milieufilosofie, en mensenrechten. In zijn veganisme is van den Berg geïnspireerd door het abolitionisme van de filosoof Gary L. Francione.

Floris (2)

Waag Society is an independent media lab for Art, Science and Technology. In its Open Wetlab Pieter van Boheemen develops projects, conducts research and workshops intertwining biotechnology, open source innovation and arts. As founder of the Dutch DIY Bio community in 2012, he started a group of grassroots biotechnologists and leads the international BioHack Academy that teaches others to become biohackers too.

Pieter van Boheemen

Bernice Bovenkerk is universitair docent bij de Philosophy Group van Wageningen Universiteit. Hier doet zij onderzoek naar de ethiek van domesticatie van dieren. Voorheen was zij als post-doc werkzaam aan het Ethiek Instituut van Universiteit Utrecht, waar zij onderzoek deed naar de morele status en het welzijn van vissen in de aquacultuur. Zij promoveerde in 2010 aan Melbourne University in de politieke filosofie op een proefschrift over deliberatieve demoractie toegepast op de discussie over dierlijke en planten-biotechnologie. Zij studeerde milieufilosofie aan de Universiteit Amsterdam en Melbourne University.

portret

Danielle Davelaar is Wagenings ingenieur met 30 jaar werkervaring als zelfstandig professional en biomimicry beoefenaar in de wereld van water, fosfaat, milieu en duurzaamheid. In 2007 kwam Danielle in aanraking met de biomimicry beweging in de VS. Sinds de voltooiing van de opleiding tot Certified Biomimicry Specialist (Biomimicry 3.8 Professional Pathways, 2012) zet zij zich veelzijdig in om anderen te sensibiliseren rond het ongekend potentieel van biomimicry doen-en-denken. Sinds medio 2014 ondersteunt Danielle de Stichting Biomimicry Nederland bij speciale projecten.

davelaar

Glenn Deliège is als postdoctoraal onderzoeker in de milieufilosofie verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij promoveerde in 2013 aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte, KU Leuven op een proefschrift getiteld Wat natuur nog kan betekenen. Essay over de toekomst van het landschap. Goed natuurbehoud moet volgens hem steeds vertrekken vanuit een gevoeligheid voor het betekeniskader die de landschappelijke geschiedenis van een bepaalde plek schept.

SAMSUNG

Martin Drenthen is universitair hoofddocent filosofie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij promoveerde in 2003 op zijn proefschrift Grenzen aan wildheid over de betekenis van Nietzsche’s moraalkritiek voor ethische debatten over natuurontwikkeling. Sinds begin 2013 is hij projectleider van een VIDI onderzoeksproject waarin hij een hermeneutische landschapsethiek ontwikkelt die conflicten rond nieuwe natuur begrijpt analyseert vanuit de relatie tussen het leesbare landschap en onze morele identiteit.

foto-martin-gr2

Clemens Driessen* is een filosoof met modder aan z’n schoenen die werkt als docent en onderzoeker bij de leerstoelgroepen Culturele Geografie en Bos- en Natuurbeleid (departement omgevingswetenschappen) van de Wageningen Universiteit. Hij onderzoekt verschuivende morele opvattingen rondom veehouderij en natuurbeheer en de rol van nieuwe technologie bij veranderende mens-dier relaties. Onder andere door empirisch sociaal-wetenschappelijk onderzoek op de boerderij, door historisch onderzoek zoals naar de geschiedenis van het ‘Heck rund’, en in samenwerking met ontwerpers zoals in het ‘Playing with Pigs’ project. (*door een stommiteit zijnerzijds is Clemens dit jaar helaas niet in de gelegenheid de Dag bij te wonen)

DSC05232 crop

Erno Eskens is programmadirecteur van de Internationale School voor Wijsbegeerte (ISVW) en uitgever van ISVW uitgevers. Hij publiceerde verschillende filosofieboeken waaronder Democratie voor dieren. Hij legt op dit moment de laatste hand aan een proefschrift over veranderende mens-dierrelaties in de geschiedenis van de filosofie.

Eskens-Erno-foto-2013-Leonie-de-Jong 620x350

Foto: Leonie de Jong

Jan van Hooff is emeritus hoogleraar ethologie en socio-ecologie aan de Universiteit van Utrecht. Hij groeide op in Burgers’ Zoo in Arnhem, waar zijn vader en moeder directeuren waren, en waar hijzelf op dit moment wetenschappelijk adviseur is. Jan van Hooff studeerde biologie in Utrecht en Oxford bij Niko Tinbergen en Desmond Morris. Hij promoveerde op een onderzoek naar sociaal gedrag en communicatie bij mensapen. Hij was tot voor kort secretaris-generaal van de International Primatological Society en voorzitter van het Jane Goodall Instituut Nederland. Verder is Van Hooff lid van de KNAW en Officier in de Orde van Oranje-Nassau.

portr JARAM

Foto: Marieke de Lorijn

Sanne van der Hout is onderzoeker en filosofisch consulent. In oktober 2014 promoveerde zij aan de Radboud Universiteit Nijmegen op haar proefschrift It’s Alive! Ecological genomics and the promise of a new relationship with nature. Hierin analyseert zij de groene dimensie van de moderne levenswetenschappen, in het bijzonder de belofte dat deze een nieuwe, duurzame(re) relatie tussen mens en natuur mogelijk zouden maken.

140930Hout5271

Erik A. de Jong bezet de Artisleerstoel voor Cultuur, Landschap en Natuur aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is tevens adviseur voor het Masterplan van Artis en inhoudelijk verantwoordelijk voor de opzet van het Groote Museum voor Mens en Natuur i.o., Amsterdam. Van 2002 tot 2007 was hij hoogleraar Landscape Studies aan het Bard Graduate Center in New York en van 2002 tot 2008 Harvard Senior Fellow Landscape Studies, Dumbarton Oaks, Washington DC, Trustees for Harvard University. Zijn onderzoek betreft de relatie mens – natuur, de geschiedenis en actuele betekenis van tuin- en landschap en de kwestie van het groene en natuurhistorische erfgoed.

De Jong2(klein) (2)

Jozef Keulartz (1947) studeerde wijsbegeerte aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij in 1992 promoveerde op een proefschrift over het werk van de Duitse filosoof Jürgen Habermas. Hij was universitair hoofddocent bij de leerstoelgroep Toegepaste Filosofie van Wageningen Universiteit & Research Centrum (WUR). Momenteel is hij als emeritus bijzonder hoogleraar Duurzaamheid en Levensbeschouwing verbonden aan de Radboud Universiteit. Keulartz publiceerde op de terreinen van Science & Technology Studies, sociale en politieke filosofie, dierethiek, milieufilosofie en (nationaal en internationaal) natuurbeleid. Hij is voorzitter van de stichting Natuurlijke Processen.

Jozef

Petran Kockelkoren studeerde filosofie in Groningen. Van 2001 tot 2011 was hij met de bijzondere leerstoel Kunst & Technologie verbonden aan de Afdeling Wijsbegeerte van de Universiteit Twente. In dezelfde periode was hij lector Kunst & Techniek aan de kunstacademie AKI/ArtEZ, die toen op de UT-campus was gevestigd. Daarmee sloeg hij een brug tussen kunstenaars en ingenieurs. Hij publiceerde onder meer: Techniek: Kunst, Kermis en Theater (NAi 2003) en Mediated Vision (Veenman/ArtEZ 2007).

petran K

Michiel Korthals (1949) richt zijn onderzoek op de globale en lokale samenhang tussen water, landbouw en milieu, sociale instituties, klimaatverandering, en honger en ondervoeding. Hij is emeritus hoogleraar Toegepaste Filosofie, Wageningen Universiteit. Voornaamste publicaties: Filosofie en intersubjectiviteit (1983); Duurzaamheid en democratie (Boom, 1995); Tussen voeding en medicijn (Utrecht 2001), Voor het eten (Boom 2002), Pépé Grégoire, Een filosofische duiding van zijn beelden (Waanders, 2006). Hij was hoogleraar directeur van het Department Sociale Wetenschappen (1996-2000) en voorzitter van de RvT van de Stichting FREE (Foundation for the Restoration of European Ecosystems), die ongeveer 1500 Hooglanders, Konikspaarden, Wisenten en Rode Geuzen beheert (tot 2014); voorzitter van de Wouter Schatbornstichting voor nieuwe energie; lid van Raad van Advies van Hoge Veluwe; lid bestuur Stichting oude landgewassen Laren (SOLL). De laatste jaren treedt hij veelvuldig op met lezingen en gedichten over eten, landbouw en natuur.

michiel

 Franck L.B. Meijboom studeerde ethiek en theologie aan de universiteiten van Utrecht (NL) en Aberdeen (UK) en promoveerde aan de Universiteit Utrecht op een proefschrift over de rol van vertrouwen en betrouwbaarheid in landbouw- en voedselsector. Als assistent-professor is hij verbonden aan het Ethiek Instituut van de Universiteit Utrecht en aan de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht.Hij is betrokken bij nationaal en Europees gefinancierd onderzoek op het gebied van ethiek van dierenwelzijn, vragen van morele status (van dieren), ethische vraagstukken m.b.t. veehouderij en aquacultuur en preventie en bestrijding van dierziekten. Hij is coördinator van de bachelor- en mastercursussen ethiek bij de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht, en van de mastercursus Animal and Nature Ethics, een onderdeel van de internationale Master Applied Ethics (Ethiek Instituut). Hij is voorzitter van de Dierexperimentencommissie van Wageningen Universiteit, voorzitter van de Commissie Ethiek van de KNMvD, lid van de Raad voor Dieraangelegenheden (RDA) en bestuurslid (secretaris) bij de European Society for Agricultural and Food Ethics (EurSafe).

612_large

Bram van Liere is filosoof en bioloog. Hij is fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren in de Provinciale staten van Noord-Holland. In zijn masterthese ‘Ethiek in het wild’ zocht hij een oplossing voor het conflict tussen ‘dierethiek’ en ‘milieuethiek’ in zijn tweede
masterthese ‘Elaborate monkey talk or unique universal grammar?’ schreef hij over de evolutie van taal. Voor de Partij voor de Dieren werkte hij aan de woudfundingactie om Staatsbosbeheernatuur veilig te stellen in een openbare veiling. Het beheerplan van zijn hand voor de gebieden in Daarle (OV) wordt momenteel uitgevoerd.

Bram van Liere Partij voor de Dieren

 

Jan van der Ploeg is docent milieu-antropologie bij het instituut voor culturele antropologie en ontwikkelingssociologie aan de Universiteit van Leiden. Hij promoveerde op actie-onderzoek naar het behoud van de Filipijnse krokodil, een soort waarvan er naar schatting slechts een stuk of honderd exemplaren van in het wild voorkomen. Hij is de
oprichter van de Mabuwaya Foundation, een stichting voor de bescherming van de kritisch bedreigde Filipijnse krokodil in het wild.

Jan van der Ploeg

Onno van Sandick is oprichter en voorzitter van de sectie ethiek en milieufilosofie van de VVM. Hij werkt op dit moment bij Rijkswaterstaat, de Uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Eerder werkte hij op de strategiedirectie van het ministerie en daarvoor bij het ministerie van VROM, onder meer aan duurzame ontwikkeling, bodembeleid, aansprakelijkheid en internationaal beleid.

FotoOnno

Louke van Wensveen is een zelfstandig milieu- en bedrijfsethica met vijfentwintig jaar ervaring in de Verenigde Staten. Zij studeerde religiewetenschappen in Leiden en aan Harvard University. In 1987 promoveerde zij aan Princeton Theological Seminary op een proefscrift over het belang van organisatieculturen voor de bedrijfsethiek. Tot 2002 doceerde zij als Associate Professor of Theological Ethics aan Loyola Marymount University in Los Angeles. Sindsdien vervulde zij een maatschappelijke brugfunctie als adviseur voor Nederlandse ontwikkelingsorganisaties en de chemische industrie. Als wethouder voor ruimtelijke ordening in de gemeente Brummen initieerde zij de cultuuromslag die resulteerde in unanieme raadssteun voor een gemeentelijk duurzaamheidsprogramma. Zij is auteur van Dirty Virtues, een studie van de karaktertrekken van duurzaamheidsleiders (Prometheus Books, 2000).

Louke_Zandvoort